Nieuw faseplan Alliantie van Kracht

Terug

Nieuw faseplan Alliantie van Kracht

Geschreven op 4 december 2025

“We zijn de menselijke maat een beetje uit het oog verloren.”

In ons derde faseplan (augustus 2025 – augustus 2026) staat één vraag centraal: hoe veranderen we samen? We doen dat schouder aan schouder, voorbij grenzen van partijen en eigen belangen. Geen strak plan, maar samen doen, leren en ontdekken wat werkt. Verandering begint bij scherpe vragen die energie geven. Doe je mee?

Bekijk ons nieuwe faseplan

Bij onze verandering horen twee cruciale vragen:

  1. Doen we de dingen goed?
  2. En doen we eigenlijk wel de goede dingen?

Onze speerpunten voor dit jaar

We zetten dit jaar in op vier verschillende manieren om een antwoord te vinden op de bovenstaande twee vragen.

  1. We zetten in op Effectiviteit van interventies. We stimuleren onze partners om samen een nieuwe en betere aanpak van generatiearmoede te vinden en om samen dingen te doen en in de praktijk te brengen. We willen weten wat effectief is in armoedebestrijding. Uit het RUG-onderzoek blijkt dat we dat op dit moment niet goed weten. Over vier jaar willen we een set van interventies hebben die bewezen effect hebben in de praktijk. We gaan doen wat helpt. We hebben een nieuwe projectleider ‘Effectieve interventies’ aangesteld voor 8-16 uur per week voor de komende drie jaar. Dat is Cécile van Reijmersdal. Haar opdracht is om samen met de partners en ervaringsdeskundigen een toetsingskader te ontwikkelen voor het bepalen van effectieve interventies. En hen te helpen bij het gebruiken van dit toetsingskader.
  2. We gaan experimenteren en leren door te doen. Veranderen gaat niet in één keer goed. We weten vaak niet precies wat werkt, omdat we te maken hebben met complexe vraagstukken. Daarom kiezen we voor experimenteren. Experimenteren betekent: Klein beginnen– we proberen iets uit in de praktijk, samen met de mensen die het raakt. Snel leren – we kijken wat er gebeurt, wat werkt en wat juist niet. Samen aanpassen – we verbeteren en scherpen bij, zodat het steeds beter aansluit op de bedoeling.
  3. We zetten in op monitoring en lerend evaluerenWe willen meer zichtbaar maken aan iedereen wat het programma als geheel bereikt. En wat waar gebeurt en door wie. Gaan we de goede kant op? Ook willen we laten zien waar mensen en organisaties al goed bezig zijn. Als een inspiratie voor anderen. Daarbij vinden we het heel belangrijk om inzicht te krijgen in de ervaringen van de mensen voor wie we het doen. Zijn zij tevreden? Helpen we hen goed? Verandert er iets voor hen?
  4. We zetten in op kapitaalsvormen. Een ander belangrijk onderzoek in ons programmaplan is het onderzoek ‘Uit de Duivelskring van armoede’ . Dit onderzoek leert ons dat armoede niet alleen over een financieel tekort gaat, maar voor mensen ook vaak een sociale, emotionele en/of culturele kant raakt. We willen dit jaar alle goede voorbeelden die ertoe doen op deze diverse kapitaalsvormen laten zien. We delen werkzame bestanddelen en willen zoveel mogelijk mensen inspireren.

Waarom willen we veranderen?

Alleen door samen stil te staan bij het “waarom” ontstaat draagvlak en beweging. Een vraag die verbindt en motiveert om samen de comfortzone te verlaten. Het vijfjarige onderzoek van de RUG geeft ons antwoord op deze waaromvraag. Ook vroegen we onze ervaringsdeskundigen waarom zij vinden dat verandering nodig is.

Ervaringsdeskundige Lineke Smit: “Bij het woord armoede denkt iedereen aan geld. Bij generatiearmoede gaat het om veel meer. Het gaat om de vaardigheden die je wel of niet krijgt aangeleerd. Of je wel of niet mee kunt doen met generatiegenoten. Zelf noem ik het daarom vaak liever generatieoverdracht, vertelt Lineke. Die overdracht is heel breed. Het zit onderling tussen mensen, maar ook tussen mensen en instanties. Het gaat over onderwijs, zorg en de samenleving. Het zit in systemen en protocollen die vaak te moeilijk en te ingewikkeld zijn, maar het zit ook in de mensen zelf. In het gebrek aan sociale emotionele vaardigheden die je van huis uit mee hebt gekregen. In het minderwaardigheidsgevoel dat steeds wordt bevestigd door de rest van de wereld. Daarom ben je niet gemotiveerd om de toeslagen te regelen, waar je recht op hebt. Daar kan ik over meepraten want ik ben ook zo opgegroeid. ” Ze legt uit: “Systemen zijn nu vaak leidend, er worden protocollen bedacht. Op diverse momenten merkte ik dat dat voor professionals op de werkvloer een knellend keurslijf is. We zijn de menselijke maat een beetje uit het oog verloren. Om de menselijke maat terug te brengen, is er voor de professional op de werkvloer vrije ruimte nodig. Zodat die écht kan luisteren naar de hulpvraag. En waardoor de vrager zich gehoord, gezien en serieus genomen voelt. Het begin van echte verandering zit voor mij ook in de kracht van de herhaling. Hoor mij, zie mij. Want als ik gezien word, kan ik daarna ook mezelf (leren) zien. Ik kan leren dat ik er wel toe doe, er wel mag zijn. Samen het pad van verandering bewandelen, brengt de menselijke maat terug. Dat brengt gelijkwaardigheid. Als iedereen even veel waard is, heb je een inclusieve samenleving”.

Wat willen we écht bereiken?

Veranderen gaat niet alleen over systemen of plannen. Het gaat over gedrag, betekenis én resultaat. Intergenerationele armoede is een ‘wicked’ problem, waarin veel maatschappelijke opgaves samenhangen. De complexiteit is dus enorm. Wat we willen bereiken is dat we de oplossingen voorbij de grenzen van de huidige organisaties agenderen en organiseren. Niemand heeft de oplossing in zijn eentje. Dat vraagt om veel verbinding. Ons programmaplan en onze doelen en missie/ambitie wijzen ons daarbij de weg.

Wie verandert er?

In iedere verandering is het antwoord op de “wie”-vraag: IK. jij, wij, ons team — veranderen begint bij jezelf. We vragen daarbij vooral aandacht voor de verbinding. Aan welk vraagstuk willen we bijdragen, met wie willen we dat ondernemen en hoe pakken we dat aan? Hoe starten we de verandering? Het is niet het plan dat succes bepaalt, maar de beweging zelf. We leren door te doen, te experimenteren en aan te passen tijdens het proces. Zo ontstaat pas écht wat we bedenken. Stap voor stap.

Hoe starten we de verandering?

Veranderen doen we samen. We willen kennis uitwisselen en delen en niet steeds nieuwe mensen in moeten praten over wat de Alliantie van Kracht doet en hoe ons programma eruit ziet. Dat kostte ons de afgelopen twee jaren (te) veel tijd. Daarom vragen we alle partners om vanaf dit jaar één AvK-team te organiseren. Met daarin 1 bestuurder, 2 managers/teamleiders en 2x iemand uit de uitvoering. We gaan experimenteren in buurt/wijk/dorp. En daar waar mensen al gewend zijn om samen te werken en elkaar kennen. Falen mag: daar leren we juist van. Vanuit het programmateam leveren we alle ondersteuning die maar nodig/wenselijk is.

Delen via social media